Na een kwartier twijfelen gaf Hans van Balderen het bevel: ,,Stoppen, jongens”. Hans is de ‘baanautoriteit ‘ van de club en heeft deze bevoegdheid gekregen van het bestuur, meen ik te weten. Die woensdagochtend 16 november stopten twaalf heren hun husselpotjes, deels gedwee, anderen mopperend.
We gingen over één nacht aangevroren rijp, maar dat maakt ons ‘kunstgravel’ helemaal niet glad. Wel zag Hans met lede ogen hoe plakjes van dat spul, een soort keramisch gruis, steeds sneller los lieten en steeds meer aan de profielen van de tennisschoenen bleven kleven. ,,Nou en? Hans, die bevroren laag is zo verschrikkelijk dun, dat dit het tapijt daaronder niet beschadigt. Dan kun je makkelijk blijven spelen’’, betoogde een van de opponenten.
De klussersbaas wierp weer tegen dat ook op een ongekrenkte tapijtbasis een overmaat aan losse, alle kanten opgeschopte gravelplakjes een baan lang onbespeelbaar kan maken. De reacties: Valt wel mee, hoor! En is het redelijk nu te stoppen omdat heel misschien ’s avonds niet kan worden gespeeld?
Wie het eerst komt, het eerst maalt, zogezegd.
Tenslotte haalde Theo de brede zware bezem met het net om die losse stukjes kunstgravel stuk te vegen en te egaliseren. Willem en Maarten hadden de meeste zin weer te gaan tennissen en zij sleepten. Hoewel onze banen ook enige keren per kwartaal zo’n egalisatiebeurt van de klussenploeg krijgen, is slepen tussen een paar potjes door inmiddels uniek. Een verloren, impopulaire traditie herleefde en de inmiddels ontdooide baan werd weer egaal en bleef dat.
Rest voor mij de vraag wanneer onze banen gegarandeerd onbespeelbaar worden verklaard. Bij sneeuw is dat evident, kunnen we ons van vorig jaar herinneren, maar hoe zit het bij meer vorst en bij kwakkelweer op een droge baan? Heb ik goed begrepen dat bij vorst dieper in de grond, dus ook in het tapijt, gewoon kan worden getennist, maar dat bij opdooi boven een nog bevroren tapijt een echte vernieling van de basis van onze banen dreigt?
Gerard Bons